Operatie Camoens    
 
Welkom
 
Presentatie
 
Geschiedenis van de Marine
 
Marinezaal
 
Documentatiecentrum Marine

Vanaf het eind van de maand juni 1960 komt de Task Group* van negen schepen onder het bevel van Kapitein-ter-zee Petitjean (1926–1987), aan in Congo. De ontplooiïng aldaar heeft tot doel de veiligheid te verzekeren van de Benedenstroom en klaar te zijn om humanitaire hulp te verlenen en de orde te handhaven in Boma, Ango-Ango (petroleumhaven van Matadi) en Matadi bij de onafhankelijkheidsverklaring van Congo. De hoogzeesleper O/Lt Valcke  en de rivierpatrouilleboot  Benga worden bij hun aankomst in Matadi aan de groep toegevoegd.

De onafhankelijkheid van Congo wordt op 30 juni 1960 uitgeroepen te Leopoldstad, in aanwezigheid van Koning Boudewijn. Maar er heerst nog altijd een gevoel van frustratie in de schoot van de Force publique; in tegenstelling met de administratie waar de afrikanisering effectief is doorgevoerd, is er, naast de benoeming van enkele Congolese adjundanten, niets veranderd in het leger,. Het zijn nog altijd Belgische onderofficieren en officieren die het bevel voeren. Een muiterij breekt uit in Leopoldstad op 5 en 6 juli en verspreidt zich de daaropvolgende dagen over gans het land ondanks de beslissing de kaders te afrikaniseren. Plunderingen en moorden, door de publieke opinie sterk vergroot, brengen een exodus op gang. Teneinde de evacuatie en de bescherming van de Belgische en Europese onderdanen te vergemakkelijken wordt operatie Camoens uitgevoerd van 27 juni tot 6 augustus 1960: de Kamina en de algerines, vergezeld door de vedettes, brengen de metroplitaanse troepen, namelijk de Ardeense Jagers en het 12de Linie-infanteriebataljon, over van Banane naar Matadi. Het 6de Commando van zijn kant, wordt belast met de operatie op Boma met steun van het onschepingspeloton van de F904 De Brouwer, en de vedette Semois, om de haveninstallaties te bezetten. Op 8 juli slaat de volkswoede toe in de havens. Te Matadi neemt de cargo Thysville de vluchtelingen aan boord, onder bescherming van de F905 Demoor

Op 14 juli doet de Congolese eerste-minister, M. Patrice Lumumba (1925–1961), beroep op de UNO om een einde te stellen aan de « Belgsiche agressie tegen Congo ». De Veiligheidsraad vraagt België zijn troepen terug te trekken ; zij zullen worden vervangen door Blauwhelmen. Het Belgische flottielje komt terug aan in Oostende op 27 augustus 1960. Onze eenheden redden +/- 600 mensen. De platbodems en de vedettes vervoegen Lobito en Pointe-Noire op sleep genomen door de F905 Demoor en de O/Lt Valcke en worden uiteindelijk terug naar België gebracht door de schepen van de Compagnie Maritime Belge.


*Task Group 218.2 : bestaat uit 9 schepen

- troepentransportschip A957 Kamina

- de algerines F901 Lecointe, F903 Dufour, F904 De Brouwer en F905 Demoor

- de vedettes Semois, Rupel, Dender en Ourthe

© 2016 marine-mra-klm.be